Investeringsplannen van staatsoliebedrijven gaan ten koste van het klimaat

Gas- en oliemaatschappijen die in staatshanden zijn, staan op het punt om in de komende tien jaar wereldwijd ongeveer 1,9 biljoen dollar te investeren in projecten die elk vooruitzicht op het halen van de klimaatdoelstellingen van het Akkoord van Parijs teniet zouden doen. Daarvoor waarschuwt een internationale denktank.

bron: The Guardian, 9 februari 2021

Volgens een rapport van de denktank Natural Resource Governance Institute (NRGI) zal een groot deel van deze investeringen waarschijnlijk ‘stranden’ (d.w.z. niet kunnen worden terugverdiend). Als de wereld zich zal houden aan de toezeggingen om de opwarming van de aarde te beperken tot minder dan 2° C boven het pre-industriële niveau, zal ten minste 400 miljard dollar aan investeringen hoogstwaarschijnlijk niet rendabel zijn.

Als gevolg van de corona-pandemie en de wereldwijde lockdowns stortten de olieprijzen vorig jaar in tot ongeveer 40 dollar. Sindsdien hebben de prijzen zich enigszins hersteld tot ongeveer 60 dollar per vat. Veel olie- en gasbedrijven verwachten dit jaar of volgend jaar een terugkeer naar ‘business as usual’ en zijn druk bezig met het maken van uitbreidingsplannen voor de toekomst.

Feest
Volgens David Manley, de hoofdauteur van het rapport en senior economisch analist bij NRGI, wil een groot deel van de olie-industrie nog één keertje feesten en zijn ze van plan biljoenen te investeren. Hij zegt dat hij zich zorgen maakt over hoe lang dat feest zal doorgaan. Als de energietransitie snel genoeg moet gaan om het Akkoord van Parijs te halen, moet dat feest heel snel afgelopen zijn, aldus Manley.

In het rapport, getiteld Risky Bet: National Oil Companies in the Energy Transition, maken de auteurs het dilemma duidelijk: “Of de wereld doet wat nodig is om de opwarming van de aarde te beperken, of nationale oliemaatschappijen kunnen profiteren van hun investeringen. Allebei is niet mogelijk.”

Eigendomsstructuur
Staatsoliemaatschappijen produceren ongeveer twee derde van alle olie en gas ter wereld en bezitten ongeveer 90% van de reserves. Ze worden echter zelden aan een kritisch onderzoek onderworpen: hun eigendomsstructuur betekent dat ze buiten zicht kunnen opereren zonder veel details over hun financiën of activiteiten te publiceren, zoals beursgenoteerde oliemaatschappijen als Exxon, BP en Shell dat wel moeten doen.

Onder druk van aandeelhouders heeft een aantal beursgenoteerde oliemaatschappijen (waaronder BP en Shell) inmiddels beloofd hun broeikasgasemissies te verminderen en ten minste een deel van hun investeringen op groene technologieën te richten. Maar de macht van de staatsoliemaatschappijen is dusdanig dat ze de inspanningen van andere grote spelers om emissies te reduceren gemakkelijk teniet kunnen doen met hun eigen investeringen. Volgens Manley zien we dit nu al gebeuren.

Verantwoording
Staatsoliemaatschappijen hoeven over het algemeen alleen verantwoording af te leggen aan hun nationale regeringen. Vaak is slechts een handjevol topambtenaren binnen die regeringen verantwoordelijk voor beslissingen over honderden miljarden dollars aan investeringen. Deze ambtenaren zijn meestal belast met het genereren van inkomsten uit de betreffende belangen, maar dragen weinig of geen verantwoordelijkheid voor klimaatdoelstellingen.

Volgens Manley denken deze staten vaak nog steeds dat ze spelers van wereldklasse zijn en dat ze met deze bedrijven op het wereldtoneel kunnen schitteren. Maar hij is bezorgd dat deze landen de noodzaak niet inzien om hun langetermijnstrategieën te heroverwegen. Veel van de landen met staatsoliemaatschappijen zijn sterk afhankelijk van olie- en gasinkomsten. Die moeten volgens Manley worden geholpen om hier minder afhankelijk van te worden. Deze landen zijn vaak – buiten hun schuld – heel arm, en is het niet zo eenvoudig als zeggen tegen BP en Shell dat ze hun fossiele activiteiten moeten afbouwen, aldus Manley.

Langetermijndoelen
De verwachting is dat China, India en Rusland verantwoordelijk zullen zijn voor het grootste deel van de investeringen van de betreffende maatschappijen. Toch heeft China zich vastgelegd op een langetermijndoelstelling van netto nul uitstoot in 2060, en heeft India een stevig investeringsplan voor hernieuwbare energie opgesteld. Rusland heeft het Akkoord van Parijs weliswaar ondertekend, maar heeft zich tijdens internationale besprekingen niet echt sterk gemaakt voor klimaatactie. Bij eerdere besprekingen heeft het zich achter de schermen zelfs ingespannen om enige vooruitgang te verhinderen.

In november komen landen in Glasgow bij elkaar voor cruciale VN-klimaatbesprekingen tijdens de klimaattop COP26. Dat wordt een goede gelegenheid om de activiteiten van de staatsoliemaatschappijen onder de loep te nemen en de regeringen die ze in handen hebben, ertoe te bewegen langetermijnplannen op te stellen om af te stappen van fossiele brandstoffen. Volgens Manley is het zaak om de rol van staatsoliemaatschappijen op de agenda van COP26 te krijgen. Tot nu toe bleven ze enigszins onderbelicht, maar het is zaak dat daar snel verandering in komt.

https://www.theguardian.com/environment/2021/feb/09/state-owned-fossil-fuel-firms-planning-19tn-investments

Geplaatst in Grondstoffen en energie en getagd met , , , , , , , , .